#zwedemarken 2019: Legoland in Billund, Denemarken

Pretparken, ik ben er niet zo’n amateur van. Mensen lijken soms te vermoeden van wel, waarschijnlijk omdat ik er al wel wat heb bezocht. Veel heeft te maken met verliefd worden op een man die gefascineerd is door de figuur van Walt Disney. Gelukkig het soort fascinatie dat zich beperkt tot boeken en documentaires en zijn zoon Walt als tweede naam geven. Geen Disney-pyjama’s en verzamelingen te bespeuren in de crib, vooralsnog. Als hij zich er toch ooit aan zou wagen (wat ik betwijfel) moet ik gewoon om de vijf minuten Eurodisney zeggen als ik het over Disneyland Parijs heb, en ik weet dat hij van miserie gaat plooien. Zo mee op zijn paard te krijgen, die mens, het is aandoenlijk.

Als ik al een pretpark bezoek, dan dus liefst op dagen met zo weinig mogelijk volk.  Hoe ouder ik word, hoe minder ik met drukte kan of wil omgaan, merk ik. En dan heb je dus plots kinderen waarmee je alleen op reis kunt in het hoogseizoen. 

Bliss. 

Legoland was Youri zijn kinderdroom, ik heb even veel met Legoblokken als met distributieriemen.

Tot ik de Netflix-documentaire over Lego House zag, dus. Dat zag er toch wel erg cool uit. Zo cool dat ik er ook een dag Legoland voor over had. 

Vanuit de luchthaven van Kopenhagen is het een uur of drie en half rijden naar Billund, waar de LEGO-steen geboren werd. Het plan: de eerste dag Legoland, de tweede Lego House, met een nachtje op hotel ertussenin. 

Na Lego House doorrijden naar ons huisje in Zweden. 

Zo geschiedde. 

Dingen die me opvielen aan Legoland: 

• dat het -in tegenstelling tot mastodonten van parken als Disneyland- bescheiden naast de weg ligt, met een parking aan de overkant van de straat, en dan direct de inkom. Ik vond dat verfrissend. En sympathiek.
• dat je er heel de dag door gratis drinkwater kon tanken aan kraantjes doorheen het park. Het was zeer heet, dat was zo aangenaam. 
• dat het er zo fijn rondlopen was. Duploland was één en al nostalgie, alles van Legosteentjes was indrukwekkend en tof, er waren heel wat leuke attracties, de wachttijden vielen al bij al wel mee, en onze eerste dag werd er zo eentje om in te kaderen. Rondlopen in een pretpark is zelden een cadeau voor mij, maar ik heb mijn ogen heel de dag de kost gegeven en oprecht genoten.

Ik lees dat sommige mensen het vinden tegenvallen wegens verouderd en weinig zotte attracties, maar dat gevoel had ik niet. Het is maar wat je verwachtingen zijn, natuurlijk. Die van mij lagen niet torenhoog, wat altijd een goede strategie is. En ja, het helpt als het heel de dag zon is en bijna dertig graden.

Ons hotel lag op een boogscheut van het park, knal aan de luchthaven van Billund. Ideaal dus om ’s avonds en aan het ontbijt nog vliegtuigen te gaan spotten. 

Kleine teaser: Lego House was te indrukwekkend om in een post te worden gecombineerd met Legoland. Dat krijgt binnenkort zijn eigen post.

#zwedemarken 2019 in cijfers

Excuseer het stomme woordgrapje, maar het is mijn meest valabele poging om met een hoofd dat nog niet uit vakantiestemming geraakt is te benoemen dat wij een week naar Denemarken en Zweden zijn geweest.

Geen roadtrip, wel een trip die ik boekte vlak nadat we op Netflix deze documentaire zagen over Lego House. Bleek dat dat niet eens zo ver van Zuid-Zweden ligt, en daar wilde ik nog liever heen. Tijd voor een compromis.

Onze trip viel zo mee dat ik er drie blogposts over plan te schrijven, en dit is de eerste. 

Onze trip in cijfers:

80: het aantal minuten vliegen vanuit Charleroi naar de luchthaven van Kopenhagen. Belachelijk kort, maar naar het noorden rijden met onze gastjes die hun zaag al beginnen spannen als we naar Kortrijk moeten, zagen wij -neen, echt niet- niet zitten.

8: het aantal dagen dat we in Scandinavië verbleven.

3: het aantal dagen dat we daarvan in Denemarken spendeerden. De eerste dag reden we naar Billund, home of Legoland (waarover meer in de volgende blogpost). We sliepen in een hotel aan de luchthaven van Billund, en gingen de volgende dag naar Lego House (waarover ook nog veel meer, want oehoehoehoe! <3). Na de middag reden we dan door naar ons vakantiehuisje in Rydebäck, bij Landskrona. 

25: het aantal keer dat ik in mijn ogen wreef toen we aan dat vakantiehuisje kwamen en het even geweldig bleek als op de foto’s op Airbnb. Privéstrandje, verdikke. En wat een belachelijk proper uitzicht.  

20: het aantal minuten dat het duurde voor ik besliste dat je kansen moet grijpen als ze zich aandienen, we onze zwemkleren aanschoten en gingen zwemmen in zee. Telt de Øresund voor u als zee?

Ik vind van wel, voor mijn #19voor2019. En heerlijk, echt, dat vooral. 

1500: het aantal kilometer dat we aflegden met de huurauto. Ook al hebben we daarmee amper een speldenprik van Zweden gezien. Zweden is namelijk effenaf gigantisch. Ik vind dat goed nieuws.

4: het aantal keer dat wij over de Øresundbrug reden, die Denemarken verbindt met Zweden en een belangrijke rol speelt in The Bridge. Wij hadden The Bridge nog niet eerder gezien, en dus maakte naar de serie kijken deel uit van onze voorbereiding. Geloof ons, over The Bridge rijden terwijl de bluetooth van de huurauto zorgt voor de soundtrack van The Bridge én het ook nog eens regent, is wreed nordic noir.

1000: het aantal soorten smeerkaas in de gemiddelde Zweedse supermarkt. Zo goed als allemaal in tubes, met smaken als garnaal en makreel, en zeer te genieten op knäckebröd. 


2: het aantal lessen start to run op Zweedse bodem. Ik had flink mijn sportkleren bij, en kwam tot het besef dat gaan lopen op vakantie juist leuk is, niet iets waar je dan beter mee stopt omdat alle remmen zo snel mogelijk los moeten. Ik deed het zelfs twee keer in de regen, echt zeg, wat moet een anders eerder onsportieve blogger hier meer doen om een medaille op de borst te krijgen? (ik ontdekte zo trouwens ook dat een van mijn favoriete songfestivalnummers ooit, van de ravissante Carola, de perfecte loopschijf is. En ging er dus ook al mee lopen in Ieper)

Ik heb behoorlijk gezond gegeten, los van de ijsjes, en was bij thuiskomst afgevallen in plaats van een paar kilo bij. Ik plan een blogpost over hoe het ondertussen zit met mijn gewicht en gewoontes, maar die is dus voor iets later. Even geduld voor zij die het vroegen.
 
4,5: het tijdstip waarop de zon elke dag opkwam. De eerste ochtend was het alsof ze een vuurtoren aanlegden in onze slaapkamer. Al een chance dat ik aan de midzomer had gedacht, en zwarte vuilniszakken op onze bagagelijst had staan. Zwarte vuilniszakken zijn de slaapmaskers van minder gesofisticeerde mensen. 

45: het aantal keer dat Youri of ik lieten vallen dat dit niet onze laatste trip naar het Noorden was. Want waw zeg, wat is het er geweldig, en daar vertel ik nog veel meer over in de volgende twee blogposts.

Jullie al op verlof geweest, ondertussen, of plannen?
Benieuwd hoe dat meeviel!

5 beelden, 5 dingen

  1. WHAT? Is de eerste week van die toch een beetje gevreesde grote vakantie al weer achter de rug? Hoe is dat mogelijk, zelfs? Dat vrezen kwam door de combinatie van bij momenten lastige en vreselijk vermoeide kindjes aan de start van die vakantie en een moeder die nog halvelink in werkmodus zat, maar ondertussen lijkt iedereen wat meer gesetteld, en het moet gezegd: we hebben al een hele leuke week gehad. De vakantieopvang startte pas vandaag, dus we wisselden wat af en uit, en dat beviel. Ik was drie dagen de entertainer van dienst, en we deden van Bibnick en cinema en heel veel UNO ’s ochtends omdat dat Dexter zijn favoriete manier is om aan de dag te beginnen. Nog enkele highlights van week 1: onze avondwandeling richting tussenstop van de rally Peking-Parijs op de markt van Ieper (HOE INDRUKWEKKEND WAS DAT?!), de poëziezomer van Watou en dan vooral het “bed van de reus”, zoals de kindjes de installatie in de parochiezaal noemden. Leve mooi weer en mogelijkheden.
  2. Ik heb dan weer de grootste prutnacht ooit achter de rug, met met moeite anderhalf uur slaap. Iets met eten dat niet wilde verteren en een maag die heel de godganse nacht tegenwerkte en vooral heel veel pijn deed. Dan maar de ene na de andere aflevering van Bob Ross bekeken op Vice om wat te kalmeren.
    Heel soms heb ik dat nog eens, en dan komen er weer schrikbeelden opzetten van die keer dat ik met spoed moest geopereerd worden aan een darmobstructie na mijn gastric bypass en achteraf hoorde dat mensen daar al eens aan sterven. Maar zo erg als de nacht bleek de aandoening toch niet te zijn: ik ben een beetje op mijn positieven aan het komen. Nu mijn maag zelf nog, want die blijkt op heden amper tegen water te kunnen.
  3. Nog drie weken en wij wonen een jaar in de nieuwe crib. Onwaarschijnlijk hoe snel dat is gegaan. Ik moet misschien maar eens een overzichtspost maken dan, en wat daar zeker in moet voor mensen die een witte gietvloer overwegen: als je geen poetsvrouw hebt, en het is zomer en de tuin raakt maar niet aangelegd omdat de tuinaannemer al weken van de aardbodem verdwenen lijkt, dan kun je elke dag wel poetsen en dan heeft dat evenveel zin als de was uithangen als het regent. Zwarte voeten, blauwe voeten (stoepkrijt), zand, gemorst appelsap, ijsjes die tegen de grond gaan, kersensap everywhere, ik zal het maar zien als tekenen van een fijne zomer en ondertussen van “Let it go” zingen tussen mijn tanden. As you do.
  4. Het is gek om plots tijd te hebben voor dingen. Ik ben vorige week vijf keer gaan sporten, om maar iets te zeggen. Niet omdat ik per se atletische ambities heb, maar gewoon, omdat het kon. Het was zalig, zonder druk op de ketel. Zonder druk op de ketel zou al eens meer mogen.
  5. Vanmorgen zette ik mijn twee blonde kletsmajoren af in de opvang, en dat was zonder enige miserie of traantjes omdat ze hun vrienden terugzagen en direct konden beginnen met Pokémonkaarten checken. Ja, dat vergt wel wat, die vakantieopvang organiseren met andere ouders, maar die vertrouwde omgeving waarin ze terecht kunnen is mij zo veel waard, altijd. <3

lilith koestert haar Morning Pages

Als kind en tiener schreef ik dagboeken vol, maar latere pogingen om er opnieuw mee te beginnen vielen in het water. Mijn motivatie varieerde van “graag meer persoonlijke dingen schrijven” tot “dingen willen bijhouden voor later”, maar dat bleek nooit voldoende om het langer dan tien pagina’s vol te houden.

Ik had er te weinig aan op het moment dat ik ze schreef, besef ik nu.
In mijn dagboek schrijven was een to do op een al veel te lange lijst van to do’s.

Dat kan niet gezegd worden van mijn Morning Pages, de ochtendpagina’s die ondertussen al een paar maanden haast zonder fout deel uitmaken van mijn ochtendroutine en een serieus verschil maken op vlak van hoe ik me op dagelijkse basis voel.

Wat zijn het?

Morning Pages worden wel eens ruitenwissers voor je hoofd genoemd. Ze zijn zoals een swiffer waarmee je langs alle donkere hoekjes van je gedachten gaat. Het systeem komt uit het boek The Artist’s Way van Julia Cameron, en is een techniek voor blokkerende artiesten om hun blokkades weg te schrijven. Ik ben geen blokkerende artiest, maar bij mij werkt het ook, net als bij heel wat devote fans.

Je gaat zitten om te schrijven, en laat komen wat komt. Dat doe je liefst volgens een bepaald stramien (zie hieronder), want anders levert het je weinig op, zo weet ik uit ervaring. Als je eraan begint, doe het dan ook ineens zoals het hoort, en probeer het een paar weken te doen. Op die manier weet je of het voor jou ook een verschil kan maken.

Hoe pak je het aan?

Je schrijft je Morning Pages liefst voor je iets anders hebt gedaan. Het enige dat ik mezelf toesta is eerst naar het toilet gaan en koffie zetten. Mijn telefoon wordt niet bekeken, dat heeft altijd invloed op mijn humeur en gedachten, en dat probeer ik te voorkomen als ik mijn ochtendpagina’s schrijf. Ik zet me met mijn A4-atomaschrift dat enkel is voorbehouden voor ochtendpagina’s aan tafel, en ik begin te schrijven tot ik drie pagina’s heb gevuld. (niet in een bullet journal, neen, die zou te snel vol zijn, en het formaat is bij mij geen A4) Die drie pagina’s zijn belangrijk. Fans hebben het wel eens over de magie van pagina 2, omdat je na de eerste zinnen als “ik ben moe” en “ik weet niet wat schrijven” plots toch iets schrijft dat je niet had zien komen als stoppen geen optie is.

Dat schrijven van drie A4-tjes vol neemt tijd in beslag. Bij mij is dat een dik halfuur. Ik sta daar vroeger voor op, ja. Het loont, dus ik heb dat ervoor over. Ik schrijf, en als ik niet meer weet wat schrijven schrijf ik dat ik niet meer weet wat schrijven.

De bedoeling is niet: een goede of nuttige tekst hebben aan het einde. De bedoeling is: een leeg hoofd hebben aan het einde. Je schrijft dus alles op dat in je opkomt. Het is ook niet de bedoeling dat iemand anders het leest. Je wilt jezelf en je gedachten vooral niet censureren. Je wilt ze juist ontdekken.

Wat levert het op?

Heel wat. Al schrijven ontdek je waar je mee bezig bent. Ik zie van alles verschijnen. Van angsten tot overdenkingen tot dromen tot praktische zaken die ik niet mag vergeten tot triviale zaken die zo regelmatig terugkeren dat ik dankzij mijn Morning Pages besef dat ik ermee aan de slag moet. Morning Pages zetten zo vaak aan tot actie bij mij: als ik ergens vaak op terugkeer, dan is dat een teken dat ik er iets mee moet doen. Een beetje zoals toen ik elke week naar de psycholoog ging, en alleen al het antwoord op de vraag “hoe is het?” me tot inzichten deed komen. Dit is mijn afspraak bij de psycholoog, maar dan met mezelf en mijn ochtendkoffie.

De ochtendpagina’s helpen me ook mijn eigen verhaaltjes te doorprikken. Ik kan niet gezonder eten want blablabla. Ik heb nergens tijd voor want xyz. Ik kan niet sporten want ik hou toch nooit iets vol. Op mijn pagina’s ga ik soms na of dat wel echt zo is, en dat is verhelderend, om maar iets te zeggen.

Nog zoiets: ik heb soms de neiging om wakker te worden met honderden gedachten die mijn humeur razendsnel negatief beïnvloeden. Als in: wakker worden, zien dat de zon schijnt, en in plaats van te denken hoe fijn dat is denken dat de tuinaannemer nog altijd niet is gekomen HOE KAN DAT NU EIGENLIJK? En in plaats van dat ik Youri dan begroet met liefde, begroet ik hem met “HEB JIJ DEZE WEEK AL NAAR DE TUINAANNEMER GEBELD?! *grrrrrmbl* *erishiernooitietsinorde* *moetikechtalleszelfdoen*”. Niet bevorderlijk voor de ochtendhumeuren hier. En sinds ik Morning Pages schrijf valt dat allemaal veel minder voor. Ik schrijf het rustig op. Ik zaag erover op papier. Ik spuw het niet uit over mijn geliefden zonder nadenken. Iedereen tevree.

Ik heb al ongelooflijk veel over mezelf geleerd, de afgelopen maanden, en over wat er in mijn hoofd omgaat. Je zou denken dat je dat zo wel weet, maar geloof me: daar zou je nog van verschieten.

Wat is belangrijk?

Dat je terwijl je schrijft ontdekt wat je te schrijven hebt. Dat het schrijven op zich een vorm van kennismaken is van wat er zich in je hoofd afspeelt. Dat je het dus niet ziet als: ik ga hier even nadenken over een goede tekst. Je schrijft zonder nadenken en je schrijft snel. Het is de bedoeling dat je het kritische stemmetje in je hoofd voorblijft dat zegt dat wat je aan het schrijven bent nu eens waarlijks nergens op slaat. Dat is ook de bedoeling. Uit je hoofd en op papier. Je hoeft het niet te herlezen, dat doe ik ook niet.

Het is veel belangrijker dat je consistent bent en het een langere tijd probeert, dan dat het perfect is.

Morning Pages maken onderdeel uit van een ochtendroutine waarin ik ook een kwartier mediteer met Headspace. Liefst doe ik dat nadat ik mijn Morning Pages heb geschreven, want dan zijn alle gedachten uit mijn hoofd die er vaak voor zorgen dat mediteren een ramp wordt. Mijn monkey mind is gestild, en dan is mediteren zoveel fijner. Als ik maar één ding kan kiezen, omdat ik te weinig tijd heb, dan gaan mijn Morning Pages voor. Ik doe ze niet elke dag, maar zeker vier dagen per week, en hoe meer ik ze doe, hoe beter ik me doorheen de dag voel. Hoe minder last van rondspringende gedachten en angsten ik heb, en hoe aangenamer ik ben voor mijn omgeving.

Absolute aanrader dus, wat mij betreft.

Meer lezen?

Prinses op de Kikkererwt doet het ook, en met succes.
Net als Tim Ferriss, op zijn manier.
Dit is ook een boeiende post.
Ik schreef er een stuk over voor de Feeling die nu in de winkel ligt.

Zijn er nog fans in de zaal?

lilith omarmt de beurtenkaart

De beurtenkaart. Als je je aansluit bij een sportinstelling kun je doorgaans daarvoor kiezen, of voor een abonnement. Een abonnement is zo goed als altijd voordeliger. Op voorwaarde dat je niet zoals de meeste mensen al weer stopt na een paar weken, want dan moet je er naast de prijs die je maandelijks betaalt om niet te gaan sporten ook nog eens de kostprijs van een advocaat genre Jef Vermassen bijtellen om er ooit nog vanaf te geraken.

De beurtenkaart heeft ook een beetje de reputatie van voor slackers te zijn. Oeioei, die neemt maar een beurtenkaart, die zal het wel niet serieus menen met dat sporten. Die zien we hier niet meer dan een keer per week. Om wat te kletsen en af en toe een pedaal rond te draaien. Die verhalen.

Voor mij is 2019 by far het jaar waarin ik besef dat de verhalen in mijn hoofd op dat vlak mijn leven ernstig bepalen. Dat heb ik geleerd van Brooke Castillo, en daar ben ik haar dankbaar voor. Die verhalen. Soms zo subtiel, vaak zo vreselijk bepalend voor van alles en nog wat.

Dat je een sport moet kiezen en dan alleen maar die sport doet. Drie keer per week fitnessen. Drie keer per week bodypump. Zodat je opbouwt. Ergens beter in wordt. RESULTAAT ZIET. :aah:

Het zorgt er al vele jaren voor dat ik gedemotiveerd raak, en snel. Want dat resultaat, daar kun je lang op wachten. Zeker als je hoopt op een strakker lijf en een lager gewicht. Die focus, in combinatie met me snel beginnen vervelen als ik te veel van hetzelfde doe, en het stemmetje in mijn hoofd dat dingen roept als “dit heeft geen zin“, heeft ervoor gezorgd dat ik nog nooit in mijn leven een regelmatige sporter ben geweest. Een paar weken wel, dan weer heel lang niet.

En de verhalen, jongens, de verhalen.

Een greep uit het assortiment:

  • sporten is iets voor tijdens het jaar, maar in de vakantie gaat de riem eraf (los van het feit dat ik het sowieso zelden volhield tot in een vakantie maakte ik er altijd iets van dat moest, terwijl de optie dat het ook wel eens leuk of deugddoend kon zijn precies niet bij me opkwam)
  • als ik niet én sport én leef als een asceet maakt het allemaal niet veel uit
  • als ik geen drie keer per week kan gaan, maakt het allemaal niet veel uit
  • als ik niet binnen de maand resultaat begin te zien, dan blijf ik beter gewoon thuis
  • als ik altijd de minst sportieve ben van de groep, dan is het gewoon echt niet tof
  • sport moet altijd tof zijn
  • ik suck gewoon keihard in sporten en daardoor maak ik me alleen maar belachelijk bij de echte sporters. Dat is echt niet tof
  • ik hou nooit iets vol
  • ik ben geen sporter
  • als ze me maar een keer per week zien in de fitness dan zullen ze me vast maar een sukkelaar vinden
  • ik vlieg er altijd te hard in in het begin, en dan val ik toch stil. Waarom zou ik dan überhaupt nog beginnen?
  • ik heb daar geen tijd voor
  • er bestaat gewoon geen enkele sport die ik leuk vind
  • je moet focussen op één sport en daar dan goed in worden
  • mensen die van alles door mekaar doen weten niet wat ze willen

Ik zal u eens iets vertellen dat ik de laatste maanden heb ontdekt: het maakt wel uit. Het helpt gigantisch als je het minder laat draaien rond resultaat zien in centimeters en kilo’s, en meer rond het doorbreken van patronen en dingen die je jezelf vertelt. Rond leren om te stoppen met keer op keer tegen diezelfde steen te knallen, en dat proberen op te lossen door knal hetzelfde te doen als de vorige keer.

Door te denken dat ik nooit iets volhou in plaats van me af te vragen waaraan dat ligt, hou ik inderdaad nooit iets vol. Door het te zien als een leerproces, in plaats van iets dat ik allemaal direct moet nailen, gaan dingen veel beter. Net als door het feit dat ik het niet direct nail niet te zien als een bewijs van een falende persoonlijkheid, maar deel van het proces.

Sinds ik bewegen ben gaan zien als een soort smörgåsbord (ik heb dit gekopieerd uit Google, nvdr.) van mogelijkheden waaruit ik elke week mag kiezen, vind ik het leuker. Ik probeer drie keer per week te bewegen. Lukt niet altijd, maar ook dat is oké. Soms ga ik bodypumpen. Soms waag ik me aan een uur step, met bewegingen die voor een beginneling zo lastig zijn dat ik alleen maar kan hopen dat er nooit video’s surfacen van ik die compleet in een knoop lig met mijn voeten, step en routines. Not a pretty sight, maar zweten doe ik wel. En in de douche achteraf voel ik me wel heel wat.

Ik ga binnenkort weer beginnen met start to runnen. Niet drie keer per week, zoals ik altijd vond dat het moest, zodat ik in week twee als het maar twee keer lukte mijn loopschoenen al over de haag wilde gooien want zie je wel dat lukt allemaal toch nooit. Door mijn falend karakter. Mijn gebrek aan wilskracht. Mijn leven dat dat allemaal gewoon niet toelaat.

Ik wil deze keer niet beginnen lopen om 5 kilometer te kunnen lopen, en daarna tien, en dan misschien wel nog verder. De enige reden is dat ik dan een extra optie heb als ik wil bewegen.

Als ik zin heb in lopen ga ik lopen. Als ik zin heb in iets anders wil dat niet zeggen dat ik de slechtste sporter ooit ben. Ook voor dat lopen heb ik in mijn hoofd een beurtenkaart, net als voor de fitness en het zwembad.

Neen, vast niet het voordeligste (hoewel daar serieus over te discussiëren valt, als je het leven ziet als een smörgåsbord), maar voor mij marcheert het perfect. Vanmorgen ging ik zwemmen. De keer ervoor deed ik een uur cardio in de fitness. Tegenwoordig hangen er uren van verschillende sportinstituten aan mijn frigo, en ik kies uit waar ik zin in heb. Als ik eens een week minder zin heb, dan impliceert dat niet dat ik de beurtenkaart ritueel moet verbranden. Ik blijk een creatieve generalist, maar dan in een sportbroek.

Zo’n eeuwig leerproces dat dat is, het leven.

Waar het op dit moment nog het meest oplevert is in mijn hoofd.
Ik heb me nog nooit niet duizend keer beter gevoeld na een uur sporten dan ervoor.

Het is dat je dat soort dingen niet kunt meten met een Fitbit, maar geloof me als ik zeg dat ik het voel.

Nog niet aan mijn gat, neen, maar wel op een hoop andere plaatsen die misschien essentiëler zijn dan dat.

Waarom ik kies voor een kalme zomer

Nog een week, en de zomervakantie begint officieel. Een zomervakantie die hier al een hele tijd in the making is. Ik denk dat ik in januari, toen ik mijn plan voor 2019 aan het overdenken was, begon na te denken over hoe druk de afgelopen jaren zijn geweest. Niet alleen qua werk, maar ook qua een huis bouwen en een gezin beginnen en afscheid nemen en werken aan mezelf.

Youri en ik zijn allebei zelfstandig, en hebben de neiging om altijd door te doen. Feestdagen zijn bij ons standaard: een iemand blijft thuis met de kindjes, een iemand gaat werken. Soms al van vijf uur ’s ochtends, zodat er dingen kunnen gedaan worden samen in de namiddag, maar ge ziet van ver dat dat niet alleen opbreekt, maar ook dat dat niet altijd zo goed is qua relationele mogelijkheden en me-time.

In de zomer nemen we dan wel vakantie, maar ook dat is vaak afwisselen en puzzelen voor dood. Dat gaat al vele jaren zo. De zomer is doorgaans kalmer dan het werkjaar, maar echt stoppen doet het zelden. Ik wilde wel eens een deftige break, eigenlijk.

Het was tijdens het maken van de online cursus “Baas over eigen Tijd” die ik met Anouck ontwikkelde dat ik tot de vaststelling kwam dat de principes die ik doorheen de werkweken gebruik om mijn uren zo efficiënt mogelijk te plannen (zodat ik minder moet werken) net zo goed toepasbaar kunnen zijn op mijn maanden. Mits wat goede planning moest dat volgens mij ook lukken.

Lang verhaal kort: ik overlegde met mijn voornaamste opdrachtgevers, en liet hen weten dat ik deze zomer geen redactionele stukken maak. Voor sommigen maakte ik er de afgelopen maanden wat extra, voor anderen is de afspraak dat ik opnieuw start in september, vol goede moed.

Iedereen begreep mijn keuze.
Ik zette doorheen het jaar genoeg geld aan de kant in YNAB (de online cursus staat heel de zomer open, trouwens, voor de liefhebbers) om de periode te kunnen overbruggen. Ik wist van mijn beider zwangerschapsverloven dat dat kon.

Wat ik ga doen?
Kiezen voor meer input en minder output, zoals Austin Kleon dat zo mooi uitlegt. Veel lezen, veel leren, naar films en series kijken, reizen, me de vraag stellen wat ik wil vertellen.

Tijd doorbrengen met mijn gezin.
Bijslapen.
Herbronnen.

Een keer aan mezelf denken.
Bloggen ook, denk ik.

Het is raar.
Het voelt fijn.
Ik moet nog zien hoe ik het concreet invul, maar dat ga ik nu eens niet te veel plannen en overdenken. Dat levert al eens op, zoals een sabbatzomertje, maar in dat sabbatzomertje wil ik mezelf ook leren om het wat vaker te laten hangen.

Ik kan wel niks beloven. ;)

lilith gooide een pannenkoekenfeest

Een #pancakebar, volgens Pinterest. Dat zat zo: normaal doen wij altijd taart voor Dexter zijn verjaardagsfeestje met de familie, maar Dexter eet niet meer zo graag taart. Dat leek ons dus plots minder logisch. Dexter eet wel graag pizza en lasagna en boterhammen met choco, maar ik zag daar niet onmiddellijk zoveel mogelijkheden in als in pannenkoeken, die hij gelukkig ook graag eet.

Als wij pannenkoeken eten, dan eten wij die behoorlijk burgerlijk met witte of bruine suiker of in het allerwildste geval eens chocopasta.

Toen bedacht ik me ineens dat iemand me eens tijdens een een interview voor de Doodgewone Dingen zei dat een van de dingen die haar wreed content maakten een pannenkoek was met witte suiker en wat citroensap. “Huh?“, dacht ik toen, maar nu zette ik het op mijn blad met mogelijke combinaties. Net als onderstaande mogelijkheden.

Man toch, alles wat erover werd gezegd was waar.
Gekke, lekkere combinatie.

Al de rest heb ik niet meer kunnen proeven omdat ik een gastric bypass heb, maar ik zag alleen maar tevreden smullende gezichtjes.

Een gemak! (net als een open keuken, op zo’n dagen)

Heb jij een favoriete topping die ik misschien nog niet ken?
Roepen zulle!

lilith ontwerpt haar zomer (+ een leeslijstje voor de vakantie)

Er zijn twee soorten mensen: zij die graag plannen, en zij die dat niet zo graag doen. Ik schat geen enkele groep hoger in, ik weet alleen dat ik tot de eerste groep behoor omdat het ervoor zorgt dat ik minder snel in default modus ga.

Default modus, you say?

Awel ja, zonder plan ben ik iemand die constant zaagt dat ze nergens tijd voor heeft. Als er dan toch een blok tijd uit de lucht valt, dan ben ik zo verbouwereerd dat ik ermee doe waar ik goed in ben: tijd verkakken op sociale media of zitten zuchten boven mijn inbox. Ik ben er nochtans rotsvast van overtuigd dat dat niet de dingen zijn waarvan ik op mijn sterfbed ga zeggen: awel ja, best moments of my life.

Een plan zorgt ervoor dat ik weet wat ik moet doen om te geraken waar ik wil geraken. “Oké oké lilith, dat snap ik wel”, hoor ik je zeggen, “MAAR TOCH NIET VOOR DE ZOMER?! ZOTIN!”. Oh yes, wel voor de zomer.

Het zit zo. Enkele jaren geleden hoorde ik voor het eerst over het concept van je zomer ontwerpen in een podcast van Gretchen Rubin. Gretchen was toen geïnspireerd door dit citaat van de schrijver Robertson Davies:

“Every man makes his own summer. The season has no character of its own, unless one is a farmer with a professional concern for the weather. Circumstances have not allowed me to make a good summer for myself this year…My summer has been overcast by my own heaviness of spirit. I have not had any adventures, and adventures are what make a summer.”

Het idee is om je seizoenen een aparte draai te geven en er dingen in te doen die je anders niet doet, sprak mij onmiddellijk aan. Een gewoonte ontwikkelen die je enkel in de zomer doet, om ervoor te zorgen dat de zomer niet zomaar passeert.

De afgelopen drie zomers ging ik ermee aan de slag, wat er bijvoorbeeld voor zorgde dat ik een zomer lang elke week ging zwemmen met Dexter, en elke week minstens een lange avondwandeling ging maken. Er was ook een zomer waarin ik 3/5 ging werken.

Vorige zomer deed ik een “summer of fiction“, waarin ik twee maanden lang enkel fictie las. Ook wel de max, en iets dat ik absoluut kan aanraden.

Deze zomer wil ik een paar dingen doen waar ik meer van wil.
Lezen doe ik sowieso elke dag, maar aangezien ik goed gevorderd ben met mijn voornemen om de helft fictie te lezen dit jaar, sta ik mezelf een zomer toe met meer focus op non-fictie. Er zijn ook enkele online cursussen die nog staan te blinken en die ik eens wil doornemen, dus doop ik de zomer die komt tot die van de zelfontwikkeling.

(ben je op zoek naar leestips voor vakantieboeken om van te smullen, scroll dan even naar beneden, want ik heb een lijstje gemaakt dat je makkelijk kunt downloaden met mijn acht persoonlijke favorieten voor in je reiskoffer (of misschien nog handiger: op je e-reader))

Ik wil ook graag wat meer koken, dus is het plan om elke week van de grote vakantie een nieuw recept te proberen. En ik heb beslist dat ik heel de zomer wil blijven sporten, dus dat impliceert dat ik elke zondag minstens twee groepslessen inplan voor de week die komt. Rode hoofden ftw!

Los daarvan maakte ik afgelopen weekend ook een lijstje met de kindjes van dingen die we deze zomer graag willen doen. Let wel: geen stress, het is een lijstje ter inspiratie, die vakjes moeten niet afgevinkt worden.

Het plannen alleen al zorgt ervoor dat ik geweldig uitkijk naar onze zomer.
Ook omdat ik deze zomer bijna niet ga werken.
What?!
I know.

De blogpost daarover staat op mijn planning voor binnenkort (want die heb ik, of wat peinsde je?!).

Heb jij al zomerplannen?
Of iets waarop je wilt focussen?
Deel het zeker in de reacties ter inspiratie.

En vergeet je lijstje met mijn zes ultieme zomerboeken niet te downloaden, terwijl je hier toch bent.

Het is de moeite!

20 dingen die ik graag doe

Jezus christus, hoe lang is het geleden dat ik nog eens een blogstokje deed? Jaren? Minstens? Ik las over dit bepaalde doorgeefstokje bij Talitha, die het nog van andere plekken had, en waarom ook in godsnaam niet he?

Een lijstje van twintig dingen die ik graag doe en hoe lang ze op dit moment zijn geleden, geïnspireerd op een opdracht in The Artist’s Way, dat boek dat me Morning Pages leerde schrijven. Waarover zo dadelijk meer. (er is trouwens iets mis met de cijferfunctie op deze blog. Ge moogt zeker natellen en mij mailen mocht het niet kloppen)

Deze 20 dingen doe ik persoonlijk geire:

  1. Een nieuw recept uitproberen. (een week of drie geleden, iets van Ottolenghi uit Simpel. Het beviel zeer, maar los daarvan zit ik stuck in een vreselijke kook- en eetrut. Ik geraak er maar niet uit. Misschien daarom dat ik volgende week Pho Ga (Vietnamese kippensoep, gelijk ze zeggen) en een stoofpotje met chilipepers van Samin Nosrat op het weekmenu heb gezet. Moge het helpen en inspireren.
  2. Lezen. (gisteren nog. Net als straks. De hashtag #nevernotreading is niet om te lachen, ik lees echt elke dag. Op dit moment “Boy Swallows Universe“, en wat is het goed!)
  3. Wandelen. (eergisteren) En vorig weekend 35 km op een dag, in aanloop naar de Dodentocht. Klein geheimpje: 35 kilometer is echt ver. Wat doet vermoeden dat 100 kilometer dat ook is.
  4. In bad gaan. (gisteren) Ik doe dat minstens een keer per week.
  5. Mooie zinnen en woorden verzamelen. Elke dag, op mijn Kindle.
  6. Ergens gaan ontbijten. (gisteren nog, met het gezinnetje en mijn schoonpapa, voor vaderdag)
  7. Gesport en gedoucht hebben. (woensdag, bodypump)
  8. Een kast opruimen. (vorige week) Als ik snel wat rust en overzicht nodig heb is het bij mij of een lijstje maken, of een kast uitmesten.
  9. Zingen. Ik kan het niet (ik ben dan weer wel extreem goed in teksten onthouden), maar doe het wel enthousiast. Meestal in de auto.
  10. Snuisteren in een boekenwinkel. (eergisteren, in het fantastische Boekenhuis Theoria in Kortrijk)
  11. Kleren kopen. (eergisteren. Schoenen en twee t-shirts, om precies te zijn)
  12. Op restaurant gaan (eergisteren. Op mijn alleen naar de Mexicaan. Ik ga graag alleen op restaurant, en best, want Youri en ik komen er de laatste maanden precies niet meer toe)
  13. Bloggen. (vandaag. En minder dan ik zou willen)
  14. Voorlezen. (gisterenavond) Ik probeer dat elke avond te doen. Met Dexter in het veelbelovende “De school van de magische dieren“, met Flo in boekjes op haar niveau. Op dit moment is zij wreed fan van dit boek van Dikkie Dik, grote held.
  15. Reizen. De laatste keer was naar Malaga rond Pasen, de volgende keer is naar Zweden deze zomer. <3
  16. Bijleren. (gisteren) Ik volg regelmatig online cursussen. Over van alles, van online marketing tot het masteren van bepaalde apps. Researchen voor artikels valt daar voor mij ook onder, trouwens. Ik doe dat geweldig graag.
  17. Zwemmen. (in Centerparcs, drie weken geleden. Dan wel drie dagen na elkaar)
  18. Foto’s nemen. Mooie dan. (Vandaag, een leuk portret van Flo. Ik doe het wat minder, maar ik kan wel heel blij worden van een gelukt portret, en een afgedrukt fotoboek)
  19. Een goede documentaire bekijken. Genre Louis Theroux of iets op Netflix. Films lukken me maar niet consistent, ondanks de goede voornemens.
  20. Morning Pages schrijven. Mijn gedachten uit mijn hoofd krijgen en op papier zetten, liefst ’s ochtends in stilte bij een kop koffie. Zaligheid. De laatste keer was vorige donderdag, omdat ik vrijdag nood had aan extra slaap, en ik ze in het weekend al eens oversla. Hoe consequenter ik ermee ben, hoe beter ze marcheren, wel.

Zin om mee te doen? Neem gerust over, en link eens hieronder in de comments.

1000 dagen zonder alcohol, en wat ze mij hebben geleerd

Deze week is het exact duizend dagen geleden dat ik mijn laatste glas alcohol dronk. Dat weet ik dankzij een app op mijn telefoon (zie hieronder bij de tools), het is gelukkig niet dat ik het zo lastig heb dat ik nog altijd de dagen aan het tellen ben.

Integendeel. Het is vanzelfsprekend geworden. Ik ben iemand die niet drinkt. Ik denk er amper nog bij na. Het is goed zoals het is, en er is elke week wel een moment waarop ik verzucht dat ik nog altijd blij ben met mijn beslissing.

Dit heb ik de afgelopen duizend dagen geleerd:

  • dat wilskracht zelden een goede basis is om ergens mee te stoppen. White knuckling it, noemen ze dat mooi in het Engels. Of dat beeld van een bal onder water houden tot hij uiteindelijk toch keihard en met volle kracht naar de oppervlakte schiet. Met alcohol heb ik nooit het gevoel dat mijn wilskracht elk moment kan knappen, met een binge tot gevolg. Ik voel me niet in gevaar in de buurt van een glas wijn. Ook niet in de buurt van een sigaret, trouwens. Met dank aan slimme schrijvers die mij mijn patronen leerden doorzien (zie de PDF die je hieronder vindt), en me in mijn hoofd leerden zoeken naar de verhalen die ik mezelf vertel.
  • dat er wel andere goede tactieken zijn. Playing it forward, bijvoorbeeld. Bij zin in een glas wijn doorspoelen naar de onverbiddelijke kater van de dag erna. En beseffen dat ik die kan missen. Net als het ongemak, de zwarte gaten, de angst die vaak werd aangewakkerd na een nachtje doordrinken. Opgelucht dat dat allemaal niet meer moet.
  • dat alcohol veel belooft, maar weinig geeft. Die rust waarnaar ik op zoek was op de bodem van elk glas Chardonnay? Die kwam er pas toen ik stopte met zoeken, en langzaam van mijn gewoontes rond alcohol afraakte. Dat ik dat kon, dat ik weer controle kon nemen, dat zorgde voor heel wat rust. Zonder katers.
  • dat ik het me nog nooit heb beklaagd dat ik de dag ervoor niet heb gedronken. Het is zoals met sporten: je hebt niet snel spijt van een work-out, en ook niet van geen kater hebben en zo fris zijn als een hoentje.
  • dat mensen het feit dat ik gestopt ben soms aanzien als kritiek op hun eigen omgang met alcohol. Terwijl het dat nooit is. Ik ben geen missionaris geworden op kruistocht tegen alcohol. Helemaal niet zelfs. Als je me vraagt waarom ik ben gestopt, dan krijg je wel een antwoord. En ja, dat is best positief, en ja, dat is misschien verdacht en vast een leugen van iemand die niet wil toegeven dat het zuigt, maar ja, het is wel hoe ik het ervaar. En daarmee zeg ik niks over jou. Neem het van mij aan.
  • dat niet kunnen stoppen bij eentje voor heel wat mensen moeilijk te begrijpen valt, maar dat het vaak samenhangt met een hoop andere dingen. Vorige week zag ik een zakenman in Gert Late Night vertellen over hoe hij een chronische piekeraar was, en hoe alcohol dat een beetje kalmeerde. “Check!”, zei ik tegen Youri. Alcohol was de enige vakantie die ik kon nemen van mijn vaak vreselijk paniekerige hoofd. Moeilijk was het niet: fles ontkurken, en een break. Daardoor nam ik er alle andere ongemakken bij, besef ik nu.
  • dat ik nooit zal snappen waarom mensen andere mensen die duidelijk een complexe relatie met iets hebben proberen te overtuigen om te herbeginnen. Het is me nog niet vaak overkomen, gelukkig, en ik sta ook sterk genoeg in mijn schoenen om er het mijne van te denken, maar waarom zou je? DOE. HET. NIET.
  • dat alcohol me niet leuker maakt, maar wel lomer, minder alert, mijn remmingen wegneemt, en me verder weg brengt van mezelf dan ik eigenlijk wil. Dat dat allemaal goed was als veertienjarige die een beetje vloeibare courage nodig had, maar dat ik blij ben dat ik het als achtendertigjarige niet meer nodig vind om vooral niet te veel mezelf te zijn. Of een vrolijkere, leutigere versie van mezelf, die dan uiteindelijk toch ook weer niet zo leutig blijkt te zijn als ik dacht.
  • dat alcohol me tegelijk ook op de rem deed staan. Ik verdoofde mijn ambetant gevoel over dingen vaak, waardoor ik niet overging tot actie om iets te veranderen. Werk kak? Alcohol. Gefrustreerd over iets? Alcohol. Te dik? Alcohol. Ik was heel erg “fuck this shit” in de tijd dat ik nog dronk, besef ik nu. Hoe fucker this shit zonder er iets aan te doen, hoe groter de frustraties, hoe fucker this shit. #wisdomfortheages
  • dat stoppen met alcohol niet alle miserie heeft weggenomen. Ik ben nog altijd iemand die eet als ze zich niet goed voelt, en moet leren om om te gaan met oncomfortabel zijn en emoties waarmee ik niet altijd weg weet.
  • dat er zoveel dingen zijn die er vroeger hadden voor gezorgd dat ik vond dat ik het scherpe randje er wat af moest drinken. Deze week alleen al: mijn oma is gestorven. De verkiezingsuitslagen waren wat ze waren. Er is miserie met de locatie van onze vakantieopvang. Er zijn kindjes die het wat lastig hebben, natuurlijk juist toevallig die van mij. Een communie. Een begrafenis. Zo is er bijna elke dag een goede reden. Of niet. Het gaat allemaal zoveel beter met een hoofd dat weet dat het het ook aankan zonder regelmatige verdoving, en ik ben zo blij dat dat besef er kwam. Nu los ik het trouwens op met sporten, elke ochtend wat vroeger opstaan om mijn hoofd uit te schudden met Morning Pages, proberen om op mijn eten te letten en zo goed als dagelijks te mediteren met Andy van Headspace, mijn dikke vriend.
  • dat geen katers meer hebben mijn leven significant beter maakt. Ik moet nooit nog rekening houden met katers, om iets te noemen. Ik kan op zaterdagochtend om tien uur naar de fitness als ik wil. Als de kindjes mij om vijf uur wakker maken, dan ben ik wel moe, maar ik heb nooit dat vage gevoel van twee glazen wijn. Of erger nog: twee glazen wijn te veel. Ik slaap ook gewoon beter. Heb minder last van mijn spijsvertering. Wil nooit meer sterven van de mottigheid, laat staan op wekelijkse basis. Als je stopt denk je vooral aan wat er wegvalt, maar dit is zowat het leukste dat erbij komt: frisse ochtenden.

Ik ben duizend dagen gestopt, en dat stoppen heeft me al tien keer meer opgeleverd dan alles dat die glazen wijn mij beloofden. Ik was bang dat mijn leven zou stoppen, maar het werd alleen maar beter.

Zo, zo blij dat ik heb durven springen.
Zo, zo opgelucht dat ik deze blogpost kan schrijven.

Hieronder vind je enkele tools die ik heb gebruikt om het proces wat te vergemakkelijken.

Ontvang mijn handigste tools om te minderen of te stoppen met alcohol.

Ik ga je niet spammen. Beloofd! Powered by ConvertKit